Zoek je op de rasnaam van je hond, dan vind je tegenstrijdige adviezen. Rassen met verschillende namen kunnen dezelfde vacht hebben, en rassen die op elkaar lijken vragen soms een andere aanpak. Dit artikel gaat daarom uit van het vachttype: hoe vaak je kamt, met welk gereedschap en wat je daarmee voorkomt.
Het vachttype bepaalt wat je doet, niet de rasnaam
Twee kenmerken bepalen bijna alles. Het eerste is de ondervacht, ook wel onderwol: de zachte laag korte haren onder het langere dekhaar. Die isoleert en komt er twee keer per jaar in dikke plukken uit.
Het tweede kenmerk is of het haar doorgroeit. Bij een krulvacht of lang haar zonder ondervacht stopt het haar niet op een vaste lengte, dus moet er geknipt of getrimd worden. Bij een dubbele vacht stopt het haar wel op lengte, en dan is kaal scheren een slecht idee.
Weet je het type niet, voel dan tegen de haargroeirichting in tot op de huid: een wollige laag die aan je vingers blijft hangen, is de ondervacht.
Kortharig met enkele vacht
De boxer, de whippet en de dobermann hebben een korte, gladde vacht zonder wollige laag eronder. Kam een keer per week met een rubberen roskam of verzorgingshandschoen. Zo haal je losse haren en schilfers weg. Ze verharen het hele jaar een beetje en hoeven nooit geknipt te worden. Het risico is te hard boenen: hun huid is dun en raakt geïrriteerd door metalen pinnen.
Kortharig met dubbele vacht
De labrador, de mopshond en de beagle hebben kort dekhaar met een dichte laag onderwol eronder, en daardoor verharen ze heftig. Kam twee keer per week met een onderwolkam, een kam die door het dekhaar de losse wol pakt. In voorjaar en najaar ga je drie tot zes weken naar drie tot vijf keer per week. Zo voorkom je dode wol die de huid van lucht afsluit, wat irritatie en een muffe geur geeft. Bij huidvouwen horen die vouwen bij de beurt: rood of vochtig is een reden voor de dierenarts. [bol.com: onderwolkam voor dubbele vacht]
Langharig met dubbele vacht
De duitse herder, de husky en de golden retriever hebben lang dekhaar met een dikke ondervacht. Kam twee tot drie keer per week, en dagelijks tijdens de verharing. Je gebruikt een onderwolkam voor de wol, een plukborstel met fijne gebogen pinnen voor de langere haren, en een metalen kam als controle: glijdt die nergens vast, dan is de vacht klitvrij. Let op de plekken die snel klitten: achter de oren, in de kraag en onder de staart. [bol.com: metalen hondenkam met grove en fijne tanden]
Langharig zonder ondervacht
De afghaanse hond, de yorkshireterriër en de maltezer hebben lang doorgroeiend haar zonder wollige laag. Kam elke dag of minstens elke twee dagen met een plukborstel en daarna een metalen kam. Werk laag voor laag: til het haar op en kam de onderste laag eerst, anders strijk je alleen over de bovenkant. Omdat het haar doorgroeit, gaat er elke zes tot acht weken lengte af, plus voeten en oren bijwerken. Een kortere coupe kan zonder bezwaar, want er is geen ondervacht die verstoord raakt.
Krulvacht die doorgroeit
De poedel, de labradoodle en de bichon frisé hebben een vacht die doorgroeit en uitgevallen haar in de krul vasthoudt, dus ze verharen bijna niet zichtbaar en precies daardoor filt de vacht. Filt, een aaneengesloten mat van dood en levend haar tegen de huid, ontstaat hier binnen enkele weken. Kam elke dag tot elke twee dagen met een plukborstel en daarna een metalen kam tot op de huid: glijdt die er niet door, dan is de vacht niet in orde. Daarnaast hoort dit type elke zes tot acht weken naar de trimmer. Bijknippen op buik en poten kun je met opzetkammen zelf doen, de vorm laat je aan de trimmer. Werk op een droge, klitvrije vacht, want een tondeuse loopt vast in klitten en trekt aan de huid. [bol.com: hondentondeuse met verstelbare scheerkop]
Ruwharig of draadharig
De schnauzer, de ruwharige teckel en veel terriërs hebben een harde, stugge buitenvacht met een zachte ondervacht. Die haren zijn waterafstotend en horen er periodiek uit. Plukken, ook handstrippen genoemd, is het met de hand of met een plukmes uittrekken van rijpe dode haren, twee tot drie keer per jaar. Rijp haar laat los zonder pijn. Trimmen met een tondeuse, elke acht tot twaalf weken, is het alternatief. Geschoren draadhaar komt zachter en lichter van kleur terug, doordat de harde punt wegvalt, wat voor het welzijn niets uitmaakt maar voor de structuur wel. Kam een tot twee keer per week met een metalen kam, met aandacht voor baard en poten.
Haarloos en bijzondere types
Bij de mexicaanse naakthond en de chinese kuifhond verschuift het werk naar de huid: schaduw, een zonnebrandcrème die geschikt is voor honden en een jas bij kou. Afnemen met een vochtige doek en soms een milde wasbeurt is genoeg. Bij pukkels die blijven, kale plekken of jeuk hoort de dierenarts te kijken. Rassen met gedraaide strengen, zoals de komondor, worden niet uitgekamd maar in koorden gescheiden.
De vachttypen naast elkaar
| Vachttype | Kammen | Gereedschap | Knippen of trimmen | Verharing |
| Kort, enkel | 1x per week | Rubberen roskam | Nee | Beetje |
| Kort, dubbel | 2x per week, in verharing 3 tot 5x | Onderwolkam | Nee | Veel, 2 pieken |
| Lang, dubbel | 2 tot 3x per week, dagelijks in verharing | Onderwolkam, plukborstel, kam | Alleen bijwerken | Veel, 2 pieken |
| Lang, geen ondervacht | Dagelijks tot elke 2 dagen | Plukborstel, kam | Ja, elke 6 tot 8 weken | Weinig |
| Krulvacht | Dagelijks tot elke 2 dagen | Plukborstel, kam | Ja, elke 6 tot 8 weken | Nauwelijks |
| Ruw of draadhaar | 1 tot 2x per week | Kam, plukmes | Plukken of trimmen elke 8 tot 12 weken | Matig |
| Haarloos | Niet nodig | Vochtige doek | Nee | Geen |
Wat je nooit doet
Een dubbele vacht kaal scheren. Het lijkt vriendelijk in de zomer, maar ondervacht en dekhaar groeien verschillend terug: de wol komt sneller op, waardoor de vacht ruwer wordt en soms plaatselijk kaal blijft. Dat heet post-clipping alopecia, dus haarverlies na scheren. Kam liever de dode wol eruit. Alleen op medische indicatie of bij filt die niet meer uit te kammen is, wordt er wel geschoren.
Met een coupeuse door een klit trekken. Een coupeuse is een kam met verborgen messen die haren doorsnijdt. Trek je die met kracht door een klit, dan snijdt hij ongecontroleerd en raakt hij soms de huid. Hondenhuid is dun en rekt mee in de klit, dus de huid zit hoger dan je denkt.
Hoe vaak was je een hond
Minder vaak dan de meeste mensen denken. Voor een gemiddelde hond is elke zes tot twaalf weken genoeg, en bij een korthaar kunnen twee tot vier keer per jaar volstaan.
Op huid en haar zit een dunne laag huidvetten die vocht binnenhoudt. Shampoo haalt die laag deels weg, dus was je te vaak, dan droogt de huid uit, gaat de hond meer krabben en wordt de vacht dof. Gebruik lauw water en hondenshampoo, want de zuurgraad van hondenhuid is anders. Kam een lange vacht uit voordat je wast. Is de huid rood, schilferig of jeukend, dan hoort de dierenarts ernaar te kijken.
Klitten en filt aanpakken
Houd bij een losse klit het haar vast bij de basis, tegen de huid, en pluis de klit met je vingers van buiten naar binnen los. Ga daarna met de punt van een metalen kam in kleine stukjes door de klit, een paar haren per keer. Stop voordat je hond het zat is.
De grens waarna je het niet meer zelf doet:
- Filt die als een plaat tegen de huid zit
- Klitten rond de oren, de ogen of het achterwerk
- Rode, vochtige of stinkende huid onder de klit, of kale plekken
- Wondjes, korstjes, beestjes of vastgekoekte ontlasting in de vacht
- Een hond die pijn aangeeft bij aanraken
Bij de eerste twee punten is een trimmer het juiste adres: die scheert onder de filt door met een kort scheerblad. Bij de andere punten ga je eerst naar de dierenarts, want dan gaat het om de huid.
Een pup laten wennen aan kammen
Begin in de eerste week dat de pup thuis is, ook als er nog niets te kammen valt. Het doel is de gewoonte, niet de vacht.
- Houd sessies kort: één tot twee minuten, een paar keer per week
- Raak de plekken aan die later lastig zijn: poten, oren, staart en buik
- Werk op een antislipmat, niet op een glad tafelblad
- Stop terwijl het nog goed gaat, niet als de pup begint te wringen
- Laat de tondeuse een keer op afstand aan staan, zodat het geluid bekend is
Gaat je hond naar een trimmer, plan dan rond drie tot vier maanden een korte kennismaking.

